Farmacogenetica voor zorgverleners

Farmacogenetica voor zorgverleners

DNA

Informatie


Antidepressiva

Het Cytochroom P450-systeem is verantwoordelijk voor de metabolisatie van ongeveer 90% van de vaak voorgeschreven medicijnen. De CYP genen bevatten veel genetische varianten die zowel een verhoogde als een verlaagde activiteit enzymen kunnen geven. Genotyperen kan helpen bij de keuze (& dosering) van de medicatie. Voor een aantal antidepressiva zijn doseringsrichtlijnen beschikbaar (KNMP).

Cholesterolverlagers

Bij lagere activiteit van bepaalde enzymen kunnen statines (simvastatine, ...) te langzaam uit het lichaam verwijderd worden. Dan stapelt het medicijn zich op en dat kan stevige bijwerkingen verklaren. Ongeveer 18% van de Nederlandse bevolking heeft een DNA-variant waarbij door verminderd transport het risico op myopathie mogelijk toeneemt. Zie in één oogopslag of een statine voor uw patiënt beter vermeden kan worden.

Operaties

Bij mensen met inactieve varianten van het BCHE gen kunnen spierverslappers, die in noodsituaties (operaties) gebruikt worden, te lang aanhouden waardoor zelfstandig ademen pas later mogelijk is. Een dosisaanpassing lost dit op.

Bloedstolling

Met deze test wordt bepaald hoe de bloedstolling wordt aangestuurd. Zowel de genen F2 en F5 (Factor V Leiden) worden onderzocht, naast genen die invloed hebben op de beschikbaarheid van Vitamine K in de stollingscascade.

Welke genen worden precies getest?

Onze farmacogenetische test controleert de volgende genen: ABCB1, ALDH2, BCHE, COMT, CYP1A2, CYP2B6, CYP2C8, CYP2C9, CYP2C19, CYP2D6, CYP2D6-enhancer, CYP2E1, CYP3A4, CYP3A5, CYP4F2, DPYD, F2, F5, G6PD, GRIK4, HLA-B*1502, IFNL3, MTHFR, OPRM1, SLCO1B1, TPMT, UGT1A1 en VKORC1.

In het nieuws